Breien

Spencer

Het afgelopen jaar heb ik deze spencer gebreid. Niet zomaar een spencer, maar een spencer van lokale wol, zelf gesponnen èn getwijnd op mijn spintol en vervolgens zelf gebreid en in elkaar gezet. Waarbij ik bij ieder lapje mezelf uitdaagde om iets nieuws te leren. 

Waarom wilde ik dit maken? 
Eerder heb ik wel gebreid met gekocht katoen of gekochte wol. Maar omdat er zoveel wol wordt weggegooid na het schapen scheren en ik het leuk vind om te spinnen, ontstond het idee om iets te maken met zelfgesponnen wol. Om te laten zien dat het materiaal wel waardevol is en om te laten zien dat de grondstoffen voor het oprapen liggen dichtbij huis. 

Iets maken met grondstoffen uit je directe omgeving en weten hoe je het moet maken geeft een gevoel van onafhankelijkheid. Daarnaast vond ik het heel interessant om het proces van begin tot einde mee te maken. 

Nieuwsgierig
De patronen en steken die ik voor dit project kende, waren recht, averecht en boordsteek. Niet heel spannend, maar een goed begin. Hoewel ik 3 boeken heb met breipatronen en uitleg, voelde het in eerste instantie niet alsof ik die ingewikkelde patronen ook zou kunnen. Daarnaast kon ik niet goed inschatten of een trui of spencer in 1 patroon mooi zou zijn en of ik niet snel uitgekeken zou zijn tijdens het maken op dat ene patroon. Daarom bedacht ik om iets te maken van lapjes, waarbij ik bij ieder lapje een nieuw patroon en een nieuwe breisteek zou leren. 

Ik begon met de relatief makkelijke steken en toen die “op” raakten, moest ik wel moeilijkere steken proberen. Waardoor ik steeds mezelf uitdaagde om een stapje hoger te komen. Iets nieuws te leren. En het werkte, ieder gelukt lapje met een nieuw patroon gaf weer vertrouwen en energie om een volgend nieuw patroon te maken. Ik werd ook telkens nieuwsgierig hoe het volgende patroon eruit zou komen te zien. Eerst keek ik in de breiboeken en leken alleen de hele makkelijke patronen haalbaar. Maar nu ik het project heb voltooid, nu de spencer af is, durf ik ook de ingewikkelde patronen te breien. 

Ik ben begonnen zonder naaipatroon, toen ik een paar lapjes klaar had, heb ik die aan elkaar gezet door te haken. Vervolgens heb ik het telkens over een trui of vest neergelegd die ik al had, voor de vorm en maat.

Feitjes
De wol is afkomstig van de Kinderboerderij in Duiven, van de kinderboerderij in Olst en van een particuliere schapen eigenaar uit Olst. De wol komt van Coburger Fuchs schapen, een Ryeland schapenram en Ouessantschapen. Alle lapjes heb ik gebreid op rondbreinaalden van 3,5 en 2,5 pendikte.

Gemiddeld deed ik er 1,5 uur over om een spintol vol te spinnen. Voor het patroon en lapje ruitvariatie heb ik 3 tot 4x de spintol gevuld. Kortom, er zitten heel wat uren kaarden, spinnen, twijnen, wassen en breien in. Half februari 2024 had ik het eerste lapje klaar, half februari 2025 was de spencer af.

Gebruikte breisteken/breipatronen:
1 Richelsteek, 2 rechte tricotsteek, 3 ribbelsteek, 4 ruitvariatie, 5 opengewerkt golfpatroon, 6 kabelboord, 7 gerstekorrel, 8 meerkleurig breiwerk, 9 opengewerkte vierkantjes, 10 gaatjes in V-vorm 4, 11 afwisselende boordsteek, 12 boordsteek 2×2, 13 boordsteek met dubbele gaatjes 3, 14 splitskabel, 15 tweekleurige ladders, 16 zeefdoeksteek, 17 grassteek, 18 boordsteek 1×1, 19 eikels, 20 schakel ketting, 21 kabel en rouwpatroon, 22 V-patroon door elkaar, 23 mandenvlechtersteek

Breicafé Olst

Samen met twee buren hebben we begin 2023 Breicafé Olst gestart. We hebben een tekstje geplaatst in het lokale huis-aan-huis krantje en hebben het dorpshuis (het Holstohus) gevraagd of we daar mochten zitten. Dat mocht. De eerste avond hadden we zoveel interesse, dat we in overleg met het café van het Holstohus, verhuisd zijn naar Eetkamer ‘Hier is ut’. Dat maakt het heel laagdrempelig, we hoeven geen ruimte te huren en dus ook geen contributie te vragen. Iedereen met een liefde voor handwerken (breien, haken, borduren, spinnen, enz.) is welkom. Het is super om het enthousiasme voor het Breicafé te ervaren. We inspireren elkaar, dagen elkaar uit, geven elkaar tips, gaan naar exposities en ook het sociale aspect, naar elkaar omkijken is heel waardevol. In principe werkt iedereen aan zijn/haar eigen project, maar soms pakken we met z’n allen iets op. We breien op dinsdagavond in de even weken (dus 1x in de 2 weken), van 7 tot 9. We zitten nu ongeveer op 40 leden, en per keer zijn er tussen de 20 en 30 mensen. Het is niet erg als je 1 of meerdere keren mist, je mag altijd weer aansluiten.

En wat betreft inspireren, iemand was handdoeken aan het breien, dat vond ik zo’n leuk idee. Daar ben ik ook mee gestart, nadat ik mijn trui had afgemaakt. En ook ben ik aan het experimenteren met typografie in breiwerk.

Eerste trui

Breien is een van de technieken die ik vroeger wel eens heb geleerd, maar ver weg was gezakt. Het idee kwam in mij op om een trui te breien. Alleen zomaar starten zag ik niet zo zitten. Daarom zit ik bij mij oma op breiles, erg leerzaam en ook nog eens gezellig! Terwijl ik een aantal basissteken leerde, breide mijn oma een trui voor mij (zie foto hieronder, trui met donkergroen). Met die basissteken (boordsteek, recht-averecht, oa) ben ik nu dezelfde trui zelf aan het breien, maar dan in een andere kleurencombinatie (de versie met geel en wit).

Inmiddels is de trui af en heb ik plannen voor meerdere volgende brei projecten. Een daarvan is een trui breien van lokale (NL) wol, die ik ook zelf wil spinnen en twijnen en waarbij ik allemaal verschillende breisteken gebruik en dus leer.


Plastic Netjes Tasje Breien

Naast breien met ‘gewone’ wol, ben ik ook meteen gaan experimenteren met andere materialen. Ik had nog wat plastic liggen die we 2 jaar geleden hebben gevonden op het strand van Schiermonnikoog. Het breidt een heel stuk lastiger dan met normaal draad, maar het is te doen. Van het gebreide lapje heb ik een tasje gemaakt. Vervolgens heb ik een dorsetknoop gemaakt van hetzelfde materiaal. Het tasje is (op het ringetje van de dorsetknoop na), compleet gemaakt van plastic draad. Eigenlijk is dit project een combinatie geworden tussen Plastic Wadden en Plastic Netjes Tasje.

Foto’s van het maakproces.